donderdag, april 24, 2008

85. Dorien Pessers in NRC - Vaders doen er niet toe, kinderen zijn de dupe: de macht van moeders is grenzeloos

________________________________________
NRC Handelsblad van 20-12-2003 Pagina 17 Opinie



Dorien Pessers

NRC Opinie | Opinie & Debat | Pagina: 17 | Dorien Pessers | Zaterdag 20-12-2003

Vrouwen beslissen van wie ze kinderen willen krijgen en of ze nog iets met de verwekker te maken willen hebben. Het doorgeschoten familierecht richt zich niet meer op gezinnen maar op individuen, ten koste van vaders en vooral kinderen.

In het familierecht van veel Europese landen hebben zich in de afgelopen vijfentwintig jaar revolutionaire veranderingen voltrokken. Niet het klassieke heteroseksuele gezin is nog de hoeksteen van het familierecht, maar het individu dat naar eigen seksuele en morele voorkeur bepaalt of en hoe het een gezin zal stichten: heteroseksueel of homoseksueel, biologisch of kunstmatig, tijdelijk of duurzaam. Door de opmerkelijke snelheid van de veranderingen ontstaat de indruk dat er van maatschappelijke consensus sprake was. Die indruk is onjuist. Het was vooral - in de woorden van de Franse sociologe Evelyne Sullerot - de ,,bulldozergeneratie van `68'' die, eenmaal aan de macht, deze veranderingen wist af te dwingen. Deze generatie gaf blijk van een aversie tegen het traditionele gezin, dat onderdrukkend voor vrouwen en kinderen, reactionair en `systeembevestigend' werd gevonden. Niet het verschil, maar de gelijkheid tussen de seksen zou uitgangspunt van het familierecht moeten worden. Niet institutionele dwang, maar persoonlijke keuzevrijheid, niet onmondigheid, maar mondigheid van kinderen. Persoonlijke, seksuele en relationele zelfbeschikking werden de nieuwe beginselen van het familierecht.

In Nederland vond de ik-generatie vooral in D66 een politieke partij die van individuele zelfbeschikking haar pointe d'honneur maakte. Buiten het parlement was het de rechterlijke macht die voor de `doorbraakjurisprudentie' zorgde. Het rechtspolitiek activisme ging gepaard met dédain voor degenen die zich op het traditionele, op bloedverwantschap gebaseerde, gezin beriepen. Niet de bloedband, maar liefde en verantwoordelijkheid maakten iemand tot ouder. Ook mocht nauwelijks worden gewezen op het belang van vaders voor de socialisatie van kinderen; dat zou een verkapt pleidooi voor herstel van het patriarchale gezin inhouden. Hetzelfde gold voor het belang van het kind: ook dat werd als een heimelijk reactionair argument afgedaan. Zelfs een beroep op het belang van het gezin als zodanig werd als not done beschouwd. Kortom, elk belang dat het individu in zijn vrijheid zou beperken, werd als niet terzake doende van tafel geveegd.

Aldus werd het familierecht gedemonteerd en aangepast aan de verlangens van seksuele en relationele zelfbeschikkers. Van de institutionaliserende en symboliserende functie van het familierecht is weinig over. Steeds meer lijkt het familierecht op een gereedschapskist waarmee burgers - mede dankzij de medische biotechnologie - hun eigen verwantschapsrelaties en stambomen in elkaar kunnen knutselen.

Tot een jaar of vijfentwintig geleden was de kern van het familierecht het huwelijk. Antropologisch gezien een buitengewoon intelligent instituut. Het huwelijk smeedt immers niet alleen, via een horizontale as, een man en vrouw aaneen (en daarmee twee families), maar ook, via een verticale afstammingsas, de generaties. Huwelijk en afstamming hangen dus onverbrekelijk samen. Kinderen worden vanaf hun geboorte ingevoegd in een duurzaam en genealogisch verband dat identiteit, veiligheid en zekerheid verschaft. Dit genealogische systeem is een referentiesysteem, dat het leven van het kind in een - zowel naar het verleden als naar de toekomst gericht - tijdsperspectief plaatst. Het bestaan van het kind verwijst naar het leven van zijn voorouders, zijn ouders en naar zijn eigen plaats in de keten van generaties.

In het nieuwe familierecht ontbreekt de aandacht voor dit institutionele karakter van het huwelijk, dat zo bevorderlijk is voor de onvoorwaardelijke invoeging van kinderen, voor hun identiteit en voor de familiale cohesie. Huwelijkse en niet-huwelijkse vormen van ouderschap zijn vrijwel aan elkaar gelijk gesteld. Deze juridische gelijkwaardigheid kan echter niet verhullen dat grote ongelijkheid tussen mannen en vrouwen, tussen vaders en moeders, en tussen kinderen is ontstaan. Het is de zelfbeschikkende moeder die bepaalt of en zo ja onder welke voorwaarden zij een man zal toelaten tot het vaderschap. Kiest zij voor een vaste relatie met een man en staat zij toe dat hij het kind erkent? Of kiest zij voor een one night stand in de hoop dat daaruit een kind zal worden geboren? Kiest zij voor een relatie met een vrouw met wie zij door middel van spermadonatie een kind krijgt? Staat zij toe dat haar vriendin het kind adopteert? Of kiest zij ervoor alleen een kind te krijgen, van een anonieme spermadonor, of van een bekende spermadonor, aan wie zij nu en dan omgang met het kind toestaat? In het nieuwe familierecht lijkt de macht van de ongehuwde moeder grenzeloos.

Buiten het huwelijk is er geen man die vanzelfsprekend de juridische vader wordt over het kind dat hij heeft verwekt. Zelfs niet nu dankzij DNA-onderzoek het biologische vaderschap met honderd procent zekerheid is vast te stellen. Sterker nog, op hetzelfde moment is sprake van een bizarre fragmentatie van het vaderschap. Het familierecht kent inmiddels twaalf categorieën vaders: de biologische, de sociale, de juridische vader; de stiefvader, de adoptievader, de stiefouderadoptievader; de verwekker, de verwekker die als partner toestemming heeft gegeven voor kunstmatige inseminatie; de anonieme spermadonor, de bekende spermadonor, de goed bekende spermadonor; en ten slotte de dode vader met wiens ingevroren sperma post mortem een kind is verwekt. Overigens is ook het moederschap aan fragmentatie onderhevig. Negen juridische categorieën figureren er: de biologische, de sociale, de juridische moeder; de stiefmoeder, de adoptiemoeder, de stiefouderadoptiemoeder; de lesbische `meemoeder', de draagmoeder, en de genetische moeder. Afstammings- en gezagsrelaties, omgangsrechten en onderhoudsplichten verschillen per categorie.

In dit doolhof van meervoudig ouderschap moet het kind zijn plaats zoeken. Zal het langs genealogische lijnen worden ingevoegd en zo ja welke? Wie zijn zijn ouders eigenlijk, zijn biologische, juridische of sociale ouders? En wie zijn zijn grootouders, neven en nichten: de verwanten van zijn genetische ouders, van zijn sociale of van zijn juridische ouders? Met het oog op deze chaotische situaties is het idee geopperd niet langer in termen van gezin en bloedverwantschap te spreken, maar in termen van `biografisch netwerk' en `sociale omgeving'. Illustratief in dit verband is het voorstel dat in Frankrijk door de invloedrijke organisatie van homoseksuele ouders is gelanceerd: reik van staatswege aan het kind een livret de l'enfant uit, waarin staat wie zijn genetische ouders zijn, met wie het familierechtelijke betrekkingen onderhoudt, en door wie het wordt verzorgd.

Er is één troost voor het kind. Worden de keuze-arrangementen van zijn ouders al te gek, dan is op de achtergrond van het familierecht nog het beginsel van `het belang van het kind' aanwezig dat ter correctie van ouderlijke willekeur door wetgever of rechter kan worden toegepast. Wat in het belang van het kind is, wordt echter niet door juridische argumenten bepaald, maar door pedagogen en psychologen die per jaar en per nieuw verschenen boek van mening blijken te veranderen. Daarnaast kunnen kinderen een beroep doen op enkele nieuwe `rechten van het kind'. Deze hebben dezelfde functie: het kind beschermen tegen zelfbeschikkende volwassenen. Zo heeft het kind het recht gekregen om in omgangsconflicten te worden gehoord en om informatie te krijgen over zijn biologische herkomst. Het heeft zelfs het recht gekregen om het vaderschap van zijn juridische vader te ontkennen, opdat het alsnog zijn eigen, alternatieve stamboom kan opbouwen! Deze tragische compensatierechten van het kind maken in één oogopslag duidelijk hoe antagonistisch de verhoudingen tussen de seksen en tussen de generaties zijn geworden als gevolg van de individuele keuzevrijheid van volwassenen.

In het nieuwe familierecht tekent zich een samenleving af waarin ouders hun kinderen kiezen, en kinderen hun ouders. Verantwoordelijkheidsrelaties worden naar eigen keuze en tot nader order aangegaan. Het is de vraag hoe stabiel deze `gekozen' gezinnen kunnen zijn. Ligt het niet voor de hand dat in deze familiale netwerken een concurrentiestrijd tussen de vele ouders uitbreekt? Dat iedereen een bedreiging voor iedereen wordt? En bestaat niet het risico dat vaders en kinderen de dupe worden van de nieuwe almacht van vrouwen inzake voortplanting en afstamming?

Het is historisch gezien opmerkelijk hoe snel de patriarchale macht die 2000 jaar het familierecht heeft beheerst, is vervangen door een matriarchale macht, althans waar het gaat om niet-huwelijks ouderschap. Dat is niet alleen te verklaren uit de introductie van anticonceptie. Waarschijnlijk speelt ook de verzwakkende sociale positie van vaders een rol. Een proces dat zich - vanaf de eerste staatsinterventies in het gezin, eind negentiende eeuw - in rap tempo voltrekt. Vooral de beide wereldoorlogen zijn van bijzondere - en tragische - betekenis geweest. De Eerste Wereldoorlog richtte een enorme slachting aan onder vaders, zonen en broers. De achtergebleven vrouwen namen het werk van mannen over. Hoewel zij na de oorlog weer naar huis en haard terugkeerden, was de kiem voor hun emancipatie gelegd. Hun kinderen groeiden op in vaderloze gezinnen. Vijfentwintig jaar later werden de vaderloze zonen naar het front gestuurd. Weer vijfentwintig jaar later kwamen hún zonen - mede naar aanleiding van de oorlog in Vietnam - in opstand tegen de laatste restanten van de vaderlijke autoriteit. Na de Tweede Wereldoorlog liet de westerse geschiedenis nog enkele politieke vaderfiguren zien in de personen van Churchill, De Gaulle, Adenauer en misschien Brandt. Maar daarna zijn er geen leiders van vaderlijk formaat meer geweest. De populairste politieke leiders, zoals Kennedy, Clinton, Bush jr. of Fischer, zijn - althans voor hun generatiegenoten - typische zonen. Ook in het bedrijfsleven, waar de captains of industry de mannelijke helden werden van de naoorlogse kapitalistische samenleving, verloren ondernemers aan vaderlijk en moreel gezag. De genadeklap aan de vaderlijke en morele autoriteit van ondernemers werd afgelopen jaar uitgedeeld door de boekhoudschandalen in het Amerikaanse bedrijfsleven en, hier in Nederland, door Ahold.

Vanaf het einde van de negentiende eeuw speelde ook de gestage emancipatie van vrouwen een rol. In 1919 kregen vrouwen kiesrecht. In 1956 werd de gehuwde vrouw handelingsbekwaam verklaard. In de jaren zeventig en tachtig hadden de belangrijkste gelijkheidsoperaties in het familierecht plaats en werd de vaderlijke macht vervangen door het ouderlijk gezag, door man en vrouw gemeenschappelijk uit te oefenen. Zelfs de zo symbolische naamgeving door de vader aan zijn kinderen is niet meer vanzelfsprekend. Beide ouders beslissen tegenwoordig of de uit hun huwelijk geboren kinderen de achternaam van de vader of van de moeder zullen dragen.

Naarmate de emancipatie en arbeidsparticipatie van vrouwen vorderden, verloren mannen hun exclusieve positie als kostwinner en daarmee hun exclusieve vertegenwoordiging van de buitenwereld. Op scholen zijn vrouwelijke leerkrachten oververtegenwoordigd. Zij domineren daar de socialisatie van jongens. Ook zijn de morele referenties veranderd. De moeder staat nog altijd voor lichamelijkheid, liefde, troost en geborgenheid. Maar waar verwijst de vader nog naar in een samenleving waarin een patriarchale verantwoordelijkheidsethiek zelfs bij de politieke, sociale en economische elite is verdwenen?

Daar komt bij dat de visuele cultuur feminiene en homoseksuele manbeelden heeft geïntroduceerd. Seksuele ambivalentie wordt als verleidelijke optie gepresenteerd. Mannen poseren in mannenondergoed, met mannenparfums en mannenmake-up. In de reclame wordt de vader met een kind aan de borst afgebeeld, of als een homo domesticus aan het fornuis of aan de afwas. Jonge vaders verkeren, blijkens hun egodocumenten in de vorm van vaderboeken en vaderwebsites, in verwarring over hun rol. Onbegrijpelijk is voorts de bereidheid van talloze mannen om als spermadonor te fungeren. Kennelijk heeft het vaderschap voor hen geen morele of sociale betekenis, en maakt het hen niet uit in welke schoot hun zaad zal ontkiemen.

De afstand die mannen - gedwongen en vrijwillig - hebben gedaan van hun patriarchale macht, heeft niet geleid tot evenwichtige sekseverhoudingen. Zelfs de liefde is er niet door verrijkt. Liefdesidealen als onvoorwaardelijkheid, overgave of opoffering komen in het nieuwe liefdesvocabulaire niet meer voor. Er lijkt zelfs een taboe op te rusten. Populaire tijdschriften als Opzij, Elle en Marie Claire, talkshows als die van Oprah Winfrey, en therapeutische zelfhulpboeken brengen allemaal een boodschap van dezelfde, calculerende, strekking: ,,Bemin niet te veel. Investeer niet te veel. Investeer vooral in jezelf. Concentreer je op jezelf, op wat jij zélf wenst en belangrijk vindt. Ontwikkel je assertiviteit. Leer eerst van jezelf te houden. Blijf op je hoede en houd je emoties en seksualiteit toch vooral in eigen beheer. Blijf onder alle omstandigheden je eigen leven leiden.''

De taal der liefde is er een geworden van achterdocht en narcisme. Zij vormt de werkelijkheid waarin liefdesrelaties zakelijke onderhandelingshuishoudingen worden, waarin partijen vanaf het eerste moment van de relatie anticiperen op het laatste moment ervan, waarin partijen - mede daarom - zo weinig mogelijk van hun eigen leven en onafhankelijkheid willen prijsgeven, waarin bijna een op de drie huwelijken in echtscheiding eindigt, en waarin de zoektocht naar nieuwe liefdesrelaties rusteloos wordt voortgezet.

Wat betekent de zelfbeschikkingsideologie voor het leven van kinderen? De tot-nader-order-verhoudingen tussen de seksen maken dat het kind één ding zeker weet: niets is meer zeker. De gelukkige relatie van zijn ouders kan worden ontbonden zodra één van zijn ouders geen emotionele bevrediging meer vindt in de ander. Gaan zijn ouders scheiden, dan moet het kind maar afwachten wie de nieuwe vriend van mama, wie de nieuwe vriendin van papa zal worden. Welke stiefbroers en stiefzusjes zullen de nieuwe relatie binnenkomen? Welke nieuwe afspraken, codes en gebruiken zullen er in het nieuwe gezin gaan heersen? Het is onduidelijk aan wie het kind loyaal moet zijn: aan zijn stiefvader en stieffamilie, door wie het zo hartelijk wordt ontvangen of aan de familie van zijn echte vader en moeder. Aan wie moet het kind zijn tijd besteden? Op wiens of wier verjaardagen moet het verschijnen? Aan wie moet het de mooiste geschenken geven? Met wie zal het kind op vakantie gaan? Omdat tijd en geld schaars zijn, zal het kind prioriteiten moeten aangeven. Hoe kan het kind die motiveren?

Omgekeerd spelen die problemen ook. Aan wie geeft de vader voorrang: aan zijn biologische kind met wie hij slechts kort onder één dak heeft gewoond, of aan zijn sociale kind of stiefkind met wie hij al jaren een gezinsleven leidt? Aan wie zullen grootouders hun bezit nalaten, aan hun biologische of ook aan hun sociale kleinkinderen?

De opmars van de biotechnologie zet de vervreemding tussen de seksen en de generaties voort. Het is mogelijk een kind te krijgen zonder seksueel contact met de andere sekse. In geval van anonieme donaties is er zelfs geen enkel persoonlijk contact meer nodig. De andere sekse is nog slechts instrumenteel van belang: als leverancier van sperma, eicellen of een embryo.

De vraag rijst of we in een samenleving willen leven waarin de verhoudingen tussen de seksen calculerend en instrumenteel worden. Waarin vooral zelfbeschikkende vrouwen mannen reduceren tot hun genetisch materiaal. Waarin het vaderschap geen specifieke morele referenties meer heeft. En waarin het genealogisch belang van het kind met voeten wordt getreden. Er zou al veel zijn gewonnen indien ouderlijke verantwoordelijkheid niet alleen verantwoordelijkheid jegens het kind, maar ook jegens de andere ouder zou omvatten.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen