woensdag, maart 02, 2011

735. Petitie ‘Knelpunten Jeugdzorg en scheidingsgezinnen’

Petitie ‘Knelpunten Jeugdzorg en scheidingsgezinnen
Vader Kennis Centrum, maart 2011

Zie ook:
  • Aanbieding petitie "Knelpunten Jeugdzorg en scheidingsgezinnen" aan de Tweede Kamer Commissie Jeugdzorg door Vader Kennis Centrum
    Vaderkenniscentrum.nl, Nr. 762, 29 maart 2011
    http://vaderkenniscentrum.blogspot.com/2011/03/762.html
  • Regeringsreactie van staatssecretaris Teeven aan de Tweede Kamer op de petitie «Knelpunten Jeugdzorg en scheidingsgezinnen» van Vader Kennis Centrum [31 839 Jeugdzorg - Nr. 141 - d.d. 4 november 2011]
    http://goo.gl/amhVr

Nederlandse Jeugdzorg brengt scheidingskinderen regelmatig in de knel.

Tien belangrijke knelpunten in de maatschappij en de regelgeving waardoor scheidingskinderen in de knel worden gebracht en Jeugdzorg vaker voor problemen zorgt dan dat ze die problemen oplost, met voorstellen tot aanpassing van regelgeving.

Inleiding:

Vaderkenniscentrum/SKO (verder aan te duiden met VKC|SKO) moet constateren dat er diverse met elkaar samenhangende knelpunten bestaan als gevolg van het huidige vaderexclusieve functioneren van de Nederlandse jeugdzorg t.a.v. gescheiden vaders en hun scheidingskinderen in eenoudergezinnen of nieuw-samengestelde gezinnen. Het VKC|SKO gaf daarom opdracht aan een werkgroep bestaande uit Alec Balledux, Martin Barto en Peter Tromp (voorzitter van VKC|SKO) om een breder eerste beeld te schetsen van de knelpunten in onder meer de Jeugdzorg zoals zij die waarneemt. Deze knelpuntennotitie wordt door het VKC|SKO onderschreven. Enkele van de knelpunten heeft Alec Balledux al eerder in zijn mail van 6 februari 2011 bij de Tweede Kamer Commissie Jeugdzorg naar voren gebracht en deze mail wordt eveneens door het VKC|SKO onderschreven.

Het VKC|SKO overhandigt deze eerste knelpuntennotitie gezien de lopende politieke discussies over de toekomst van de Nederlandse jeugdzorg aan de Commissie Jeugd en Gezin en is voornemens om ook de oplossingen aan te dragen voor de gesignaleerde knelpunten maar acht het van belang u nu reeds over deze knelpunten te informeren. Deze petitie komt ook op de site van het VKC|SKO en wordt daarmee openbaar gemaakt.

Toelichting vooraf: Waar in de tekst van de knelpuntennotitie wordt gesproken over Jeugdzorg, worden zowel de Raad voor de Kinderbescherming als Bureau’s Jeugdzorg bedoeld. Vanaf de knelpunten 3 en verder wordt gerefereerd aan ‘moeders’ dan wel ‘vaders’ en is de meest voorkomende situatie weergegeven. Het kan in sommige situaties ook andersom zijn.

Na de opsomming van de knelpunten volgt een toelichting met concrete voorstellen op hoofdlijnen voor diverse maatregelen. Veel daarvan zijn niet nieuw en liggen ook niet louter en alleen op het terrein van de Jeugdzorg. Zo was er eerder tijdens de Vadertop 2007 (m/v/grootouders) te Amsterdam, vanuit een wat andere context een breed gedragen Manifest ‘Samen verder bij zorg en opvoeding’ opgesteld, dat wij als bijlage toevoegen. We moeten constateren dat er al veel langer een roep vanuit de samenleving is die door de politiek dient te worden opgepakt.

Waarvan akte!

De knelpunten zelf.

1. Steeds meer kinderen hebben door achterlopende wetgeving alleen een moeder met ouderlijk gezag waardoor het kind in scheidingssituaties onnodig veel risico loopt de zorg en opvoeding van de vader te moeten gaan missen. Meer dan de helft van de clientèle van Jeugdzorg bestaat uit scheidingskinderen wonend bij de moeder.

2. Er is een maatschappelijk verkeerd beeld van mishandelende ouders, waarbij de vader wordt beschouwd als de ouder die kinderen het vaakst mishandelt. Dit komt omdat in de media uitsluitend aandacht is voor zwaar fysiek geweld. De meeste mishandelingen, waaronder ook geestelijke mishandeling en verwaarlozing, vinden door moeders plaats.

3. Ouderverstoting en oudervervreemding worden niet als een vorm van geestelijke kindermishandeling beschouwd, noch in de toepassing van het strafrecht noch in de Jeugdzorg dat veel moeders alleen maar ondersteunt in deze vorm van kindermishandeling.

4. Er zijn geen expliciete en objectieve criteria in de Wet rond de toekenning, instandhouding en effectuering van omgang als specifieke invullingsvorm van de wettelijke verdeling van zorg- en opvoedtaken tussen de beide ouders na een scheiding in het zogenaamde ouderschapsplan. ‘In het belang van het kind’ wordt te vaak vertaald naar ‘in het belang van moeder’. Dat is maar al te vaak juist niet in het belang van het kind.

5. Bij Bureaus Jeugdzorg, de Raad voor de Kinderbescherming en binnen het familierecht wordt niet aan waarheidsvinding gedaan. Beslissingen worden genomen op basis van onderbuikgevoelens, leugens, roddel en achterklap.

6. Er is daarbij een groeiende groep van calculerende moeders die met valse beschuldigingen van incest en/of mishandeling en met hulp van instellingen en kwakzalvers de kinderen hun vader ontnemen hetgeen zelfs vaak door de overheid wordt gefinancierd middels rechtsbijstand.

7. Zorgmeldingen van vaders worden door Jeugdzorg vaak terzijde gelegd.

8. Kinderen worden in sommige provincies onnodig uithuis geplaatst (UHP). De kans op een UHP varieert per provincie afgerond tussen de 25 en 80%. Er zijn perverse financiële prikkels in de Jeugdzorg die daarbij een rol spelen.

9. Als kinderen een UHP krijgen is dat meestal vanuit een situatie dat het kind alleen met zijn moeder woont. Er wordt niet gekeken of het kind beter bij vader af is maar het kind wordt bijna altijd direct bij pleegouders of in een tehuis gestopt.

10. Het klachteninstrument binnen Jeugdzorg is niet effectief.

De knelpunten met toelichting en voorstellen:

1. Steeds meer kinderen hebben door achterlopende wetgeving alleen een moeder met ouderlijk gezag waardoor het kind in scheidingssituaties onnodig veel risico loopt de zorg en opvoeding van de vader te moeten gaan missen. Meer dan de helft van de clientèle van Jeugdzorg bestaat uit scheidingskinderen wonend bij de moeder.

In het komend decennium zal zonder wettelijke aanpassing de helft van de kinderen geen twee maar slechts één ouder met ouderlijk gezag hebben. Kinderen behoren bij geboorte het recht te hebben op twee gelijkwaardige ouders en dat kan alleen als vaders ook direct medegezag krijgen als ze hun kind erkennen. De huidige wettelijke obstakels voor vaders om medegezag te krijgen (eerst juridisch het recht op erkenning en daarna afzonderlijk ook nog eens op gezag af moeten dwingen; het toelaten van valselijke geboorteaangiftes) zijn niet in het belang van het kind en lijken alleen te willen benadrukken dat moeders wil in Nederland de enige wet is die er toe doet.

Voorstellen:

a)        Iedere biologische vader dient zijn kind zonder rechtsgang te kunnen erkennen. Moeder kan daarin dan berusten of dit bestrijden indien er vraagtekens zijn omtrent het biologisch vaderschap en moeder op de geboorteaangifte een andere naam dan de vader heeft ingevuld. Alsdan zijn vader en moeder verplicht mee te werken aan een genetisch onderzoek ten einde de biologische verwantschap tussen vader en kind in voldoende mate van zekerheid te kunnen bepalen. Zonder medewerking van vader en/of biologische verwantschap is erkenning nietig. Zonder medewerking van moeder wordt zij geacht in erkenning te berusten.
b)        Indien moeder berust in de erkenning verkrijgt de vader hiermee automatisch het ouderlijk gezag.
c)        De uitvoering van deze bepalingen zou aan een notaris kunnen worden overgelaten waardoor de meeste erkenningen zonder rechtsgangen plaats kunnen vinden terwijl zo ook de meeste kinderen weer twee ouders met gezag zullen krijgen.

2. Er is een maatschappelijk verkeerd beeld van mishandelende ouders, waarbij de vader wordt beschouwd als de ouder die kinderen het vaakst mishandelt. Dit komt omdat in de media uitsluitend aandacht is voor zwaar fysiek geweld. De meeste mishandelingen, waaronder ook geestelijke mishandeling en verwaarlozing, vinden door moeders plaats.

Dit verkeerde beeld leidt ook tot de huidige kromme wetgeving waarbij (zeker ongehuwde) vaders op een achterstand worden gezet. Kindermishandeling door vaders komt juist minder vaak voor dan de veel vaker voorkomende en geruislozere kindermishandeling door moeders, die weinig aandacht van de media trekt. Ondanks de ons inziens misleidende conclusies in de recente WODC/van Montfoort rapportage onder het beperkte aantal van politie-aangiften van kindermishandeling, blijkt uit de veel massalere meldcijfers van kindermishandeling bij de Nederlandse AMK’s al jarenlang dat het juist 2,5 keer zo vaak moeders dan vaders zijn, die hun kinderen mishandelen en/of verwaarlozen. Dit wordt ook in internationaal onderzoek bevestigd. Daarnaast blijkt uit de (inter)nationale literatuur en het (inter)nationale onderzoek naar kindermishandeling dat eenoudergezinnen en stiefgezinnen een vergroot risico op kindermishandeling hebben. Maar gezien het bestaande verkeerde maatschappelijke beeld worden bij een OTS vaders al snel buiten beeld gebracht door Jeugdzorg.

Voorstel:

Publiciteitscampagnes van de overheid met betrekking tot kindermishandeling en huiselijk geweld dienen genderneutraal te worden opgezet met zowel aandacht voor vaders als moeders als daders van huiselijk geweld of kindermishandeling.

3. Ouderverstoting en oudervervreemding worden niet als een vorm van geestelijke kindermishandeling beschouwd, noch in de toepassing van het strafrecht noch in de Jeugdzorg dat veel moeders alleen maar ondersteunt in deze vorm van kindermishandeling.

Niet alleen wordt oudervervreemding door moeders niet bestraft, het wordt zelfs door rechters beloond want deze rancuneuze moeders indoctrineren eerst ongestraft hun kind, daarna wordt in een kort gesprek met het geïndoctrineerde kind door de rechter het kind en de vader de omgang ontzegt ‘in belang van het kind’. Nederland riskeert dezelfde tik op de vingers als die Duitsland van het Europees Hof voor de rechten van de mens kreeg. Kinderen in Nederland worden in het geheel niet beschermd tegen oudervervreemdende moeders. Oudervervreemding is als geestelijke kindermishandeling op zich strafbaar, het dient dan ook vervolgd te worden en te leiden tot wijziging van de hoofdverblijfplaats van het kind om die daartegen te beschermen.

Voorstellen:

a)        Oudervervreemding en het brengen van kinderen in een loyaliteitsconflict is een vorm van geestelijke kindermishandeling en dient door Jeugdzorg en ook door het OM als zijnde mishandeling als zodanig te worden behandeld.
b)        Indien er sprake is van oudervervreemding of het gevaar voor ouderverstoting reëel is dan dient dit vanuit Jeugdzorg tegengegaan te worden door de band tussen het kind en de andere ouder weer op te bouwen en te versterken.
c)        Bij oudervervreemding en/of het aanhoudend brengen van kinderen in een  loyaliteitsconflict dient de hoofdzorg bij de andere ouder te komen te liggen.

4. Er zijn geen expliciete en objectieve criteria in de Wet rond de toekenning, instandhouding en effectuering van omgang als specifieke invullingsvorm van de wettelijke verdeling van zorg- en opvoedtaken tussen de beide ouders na een scheiding in het zogenaamde ouderschapsplan. “In het belang van het kind” wordt te vaak vertaald naar “in het belang van moeder”. Dat is maar al te vaak juist niet in het belang van het kind.

Het criterium `In het belang van het kind´ zet de deur open voor willekeur. In het belang van het kind wordt bovendien al snel uitgelegd dat er rust moet komen voor de kinderen in de omgang die door de moeder wordt verstoord omdat ze daar alle ruimte voor krijgt in zowel wetgeving als door Jeugdzorg. Het gebrek aan expliciete objectieve criteria om de omgang te ontzeggen zorgt voor veel procedures, oudervervreemding, valse beschuldigingen en vooral veel kinderleed.

Voorstellen:

a)        Ontzegging van de zorg- en opvoedtaken dient alleen op grond van objectieve criteria, opgenomen in de Wet, gebeuren. Rechters kunnen onmogelijk in een kort gesprek uitmaken of ze te maken hebben met een geïndoctrineerd kind of met een kind dat zeer terecht geen zorgtaak van een ouder wenst. Alleen een zorgvuldig onderzoek door gekwalificeerde deskundigen kan dit rechtvaardigen.
b)        De bewaking van de kwaliteit van onderzoeken door externe deskundigen dient te worden geborgd in het kwaliteitskader, geldig voor zowel de Raad als BKZ’s. De lang geldende en adequate bijlage 3 van de Normen 2000 heeft geen opvolging gekregen en is per 31-12-2000 stilletjes vervallen.
c)        Indien de zorg en omgang tussen kind en ouder door de andere ouder wordt belemmerd is er sprake van geestelijke kindermishandeling (waarvan de strafbaarheid onduidelijk is) en onttrekking aan het ouderlijk gezag. Het eerste zou strafbaar dienen te zijn. Het laatste wordt beschouwd als een strafbaar feit conform artikel 279 Sr. Vaders die op grond van dit artikel vervolgd worden krijgen vaak jarenlange gevangenisstraf terwijl moeders als ze al vervolgd worden door het OM en als de aangifte al wordt opgenomen slechts voorwaardelijke taakstraffen krijgen. Er dienen maatregelen genomen te worden zodat er genderneutraal wordt gehandeld in het strafrecht door politie en justitie.
d)        Beslissingen omtrent de zorg en opvoeding of de verblijfplaats dienen door de rechter genomen te worden op basis van geverifieerde feiten en beweringen. In het geval dat er sprake is van beschuldigingen tussen ouders over en weer, of beschuldigingen door één van de ouders die door de andere ouder wordt tegengesproken, dient in opdracht van Jeugdzorg eerst onderzoek door gekwalificeerde onderzoekers gedaan te worden naar feiten, zodat de rechter op basis van feiten een beslissing kan nemen omtrent de zorg en opvoeding en de hoofdverblijfplaats van een kind.

5. Bij Bureaus Jeugdzorg, de Raad voor de Kinderbescherming en binnen het familierecht wordt niet aan waarheidsvinding gedaan. Beslissingen worden genomen op basis van onderbuikgevoelens, leugens, roddel en achterklap.

In plaats van onderzoeken door ter zake kundigen (BIG ingeschreven) wordt afgegaan op geruchten, onderbuikgevoelens van betrokkenen of zelfs kwakzalvers. De bepalingen voor onderzoeken rond externe deskundigen (opgenomen in de Normen 2000) zijn recent in alle stilte gesneuveld. De kwaliteit van de informatie speelt nauwelijks een rol om vergaande beslissingen te nemen en in Jeugdzorg wil men dat simpelweg ook niet.

Recent oordeelde de Nationale Ombudsman in rapport 20110015 dat in de Jeugdzorg wel degelijk zoveel mogelijk aan waarheidsvinding gedaan dient te worden:
“De stelling van de Raad voor de Kinderbescherming of van Bureau Jeugdzorg dat er niet aan waarheidsvinding wordt gedaan, is geen vrijbrief om de mening van één van de strijdende partijen zonder verifiëring in de rapportages op te nemen. Van instanties als Bureau Jeugdzorg en de Raad wordt een meer actieve houding verwacht. Indien zij een verklaring belangrijk vinden om daarmee een bepaalde beslissing te rechtvaardigen dan moet zoveel mogelijk de ware toedracht worden onderzocht. Alleen de beweringen die getoetst zijn kunnen als feiten in de rapportages worden opgenomen zodat de rechter zich daarover een gemotiveerd oordeel kan vormen.”
Voorstellen:

a)        Bureau Jeugdzorg en de Raad voor de Kinderbescherming dienen hun adviezen te rechtvaardigen op grond van geverifieerde feiten en beweringen. De ware toedracht dient achterhaald te worden alvorens van een feit te mogen spreken.
b)        Een beschuldiging door een ouder of een instantie over de andere ouder mag alleen worden vastgelegd in een rapportage van Bureau Jeugdzorg of de Raad voor de Kinderbescherming als de mening van de andere ouder direct na deze beschuldiging (en niet in een vaak zoekgeraakte bijlage) wordt opgenomen in de rapportages zelf.
c)        Jeugdzorg dient te voldoen aan alle vereisten die de Wet op het Bestuursrecht stelt. Thans blijven adviseurs en verantwoordelijken bijna altijd anoniem en handelt men verre van zorgvuldig door ouders niet te wijzen op de mogelijkheid een bezwaarschrift in te dienen in het kader van de AWB, men stelt dat alleen een klachtenprocedure mogelijk is en zo fungeert Jeugdzorg als een Staat binnen een Staat.

6. Er is daarbij een groeiende groep van calculerende moeders die met valse beschuldigingen van incest en/of mishandeling en met hulp van instellingen en kwakzalvers de kinderen hun vader ontnemen hetgeen zelfs vaak door de overheid wordt gefinancierd middels rechtsbijstand.

Knelpunten 4 en 5 lokken valse beschuldigingen uit. De kokervisie van veel organen zoals de politie maakt het mogelijk dat veel vaders eerst ten onrechte worden vastgezet of opgepakt, soms in bijzijn van hun kinderen. Iedereen moet dan haast wel denken dat er wat aan de hand is. Soms is pas na jaren het onderzoek gereed en blijkt dat er een valse beschuldiging achter zit die echter onbestraft blijft. Vader en kinderen beschadigd en de rancuneuze moeder krijgt op zijn hoogst een mondelinge berisping. De politie zou bij aangiftes binnen afhankelijkheidsrelaties ambtshalve een onderzoek dienen te doen naar valse aangifte. Valse beschuldigingen vormen daarnaast een van de ernstigste vormen van (geestelijk) huiselijk geweld, aan de vaststelling waarvan consequenties verbonden dienen te worden.

Voorstellen:

a)        Indien er aangifte wordt gedaan van huiselijk geweld, stalking of (seksuele) kindermishandeling binnen afhankelijkheidsrelaties dient ambtshalve ook de valselijkheid van de aangifte onderzocht door een ander team binnen de politie te worden onderzocht. Alvorens te beslissen over hun advies aan het OM overleggen de teams.
b)        Gepleit wordt voor de instelling bij het OM van een Landelijke Expertisegroep Aangiften in Afhankelijkheidsrelaties (naar het voorbeeld van de LEBZ) maar dan met verplichte consultatie indien de teams het niet eens worden.
c)        Gefinancierde rechtshulp rond de zorgplicht van ouders dient beperkt te zijn tot de eerste procedure. Latere procedures worden achteraf door de overheid gefinancierd mits de gefinancierde voornamelijk in het gelijk is gesteld.
d)        De overheid dient vast te leggen bij welke beroepsverenigingen onderzoekers dienen te zijn aangesloten en alvorens de onderzoeksresultaten gebruikt kunnen worden door Jeugdzorg om te voorkomen dat kwakzalvers hun rol behouden bij valse beschuldigingen en aangiftes.

7. Zorgmeldingen van vaders worden door Jeugdzorg vaak terzijde gelegd.

Gescheiden vaders die zich oprecht zorgen maken over hun kinderen lopen tegen een gesloten deur bij Jeugdzorg. Meldingen bij het AMK zijn vaak tevergeefs. Zeker als het om geestelijke kindermishandeling gaat zoals verwaarlozing of oudervervreemding.

Voorstel:

Ook een melding van kindermishandeling door de vader of diens familie dient serieus te worden opgepakt en onderzocht door het Advies- en meldpunt kindermishandeling.

8. Kinderen worden in sommige provincies onnodig uit huis geplaatst (UHP). De kans op een UHP varieert per provincie afgerond tussen de 25 en 80%. Er zijn perverse financiële prikkels in de Jeugdzorg die daarbij een rol spelen.

Er is volstrekt geen landelijk beleid en bijna volkomen willekeur bij kinderbeschadigende uithuisplaatsingen. Terwijl de ene provincie in 25% van de OTS gevallen over moet gaan op een UHP, doet de andere provincie dat in liefst 80% van de gevallen waarmee een OTS dus bijna zeker ook een UHP impliceert. Hoewel een Savannah effect een rol kan spelen kan VKC|SKO zich niet aan de indruk onttrekken dat de perverse financiële prikkels (de beloning die een BJZ krijgt voor een UHP) een rol speelt. Een andere wijze van financiering zou naar de mening van VKC|SKO zeker bijdragen aan een meer maatschappelijk verantwoorde wijze van de totstandkoming van een UHP.

Voorstellen:

a)        Perverterende financiële prikkels in de jeugdzorg tot het nemen van kinderbeschermingsmaatregelen (OTS, UHP) dienen te worden weggenomen.
b)        Het onderzoek naar oorzaken van provinciale verschillen bij de kans op UHP bij een OTS moet beschikbaar komen en daaruit dienen zonodig consequenties te worden getrokken zoals de formulering van een landelijk beleid terzake.
c)        Bureau Jeugdzorg dient bij een hulpvraag is samenspraak met beide ouders een hulpplan op te stellen en beide ouders actief te begeleiden in het verbeteren of oplossen van de situatie binnen het gezin. Hierbij dient in ieder geval gekeken te worden naar de mogelijkheden van een Eigen Kracht Conferentie.

9. Als kinderen een UHP krijgen is dat meestal vanuit een situatie dat het kind alleen met zijn moeder woont. Er wordt niet gekeken of het kind beter bij vader af is maar het kind wordt bijna altijd direct bij pleegouders of in een tehuis gestopt.

Daarnaast is het opvallend, dat BJZ’s bij voorbaat vaders diskwalificeren om de zorg van de moeder over te nemen. De verificatie van de (on)mogelijkheid daarvan zou wettelijk verplicht dienen te zijn (amendement Voordewind maar dan ook voor de niet met het gezag belaste vader gezien knelpunt 1).

Voorstellen:

a)        Jeugdzorg dient als uitgangspunt te hanteren dat er tussen beide ouders (moeders en vaders) een gelijkwaardige verdeling in de zorg en opvoedtaken bestaat. Bij het nemen van kinderbeschermingsmaatregelen (OTS, UHP) dient zorg en opvoeding door de andere ouder of familie daarom allereerst serieus door jeugdzorg te worden onderzocht. Het Amendement Voordewind inzake het ouderschapsplan in de Jeugdzorg wordt door ons gesteund, waarbij wel belangrijk is dat dit ook geldend gemaakt wordt voor vaders zonder gezag.
b)        Het begrip hoofdverblijfplaats wordt in de wetgeving vervangen door verblijfplaats. In beginsel wordt er van uitgegaan dat het kind een verblijfplaats heeft bij beide ouders, tenzij de veiligheid van het kind in gevaar is of als beide ouders overeenkomen dat de verblijfplaats slechts bij één van de ouders is.

10. Het klachteninstrument binnen Jeugdzorg is niet effectief.

Klachtencommissies binnen Jeugdzorg functioneren niet altijd omdat er sprake is van keuring van eigen vlees. Als de klachten al gegrond worden verklaard dan wordt er geen opvolging aan gegeven door de teamleiders en de Raad van Bestuur en er wordt al helemaal niet van geleerd. Wat dan rest is een gang naar de Nationale Ombudsman maar dit kan onmogelijk als een effectief klachteninstrument worden beschouwd.

Voorstellen:

a)        Indien een klacht bij de klachtencommissie Bureaus Jeugdzorg of de klachtencommissie van de Raad voor de Kinderbescherming gegrond is verklaard dient deze verbindend te zijn tenzij een rechter daarover anders oordeelt en dient concreet aangegeven te worden welke stappen zijn ondernomen om de situatie te verbeteren. De stappen dienen waar mogelijk breed binnen de organisatie te worden ingezet.
b)        De Cliëntenraden van de Bureaus Jeugdzorg en de Raad voor de Kinderbescherming alsmede een nieuw toezichtorgaan “Toezichthouder Jeugdzorgklachten” dienen te worden geïnformeerd over de inhoud van de klachten en indien klachten gegrond zijn verklaard dienen voorstellen tot verbetering te worden voorgelegd aan de Cliëntenraden.
c)        De toezichthouder Jeugdzorgklachten (te vergelijken met de AFM in de financiële wereld) is bevoegd dwangsommen op te leggen indien een Bureau Jeugdzorg of de Raad voor de Kinderbescherming onvoldoende navolging geeft aan klachten c.q. onvoldoende invulling geeft aan een onafhankelijke klachtenafhandeling.


- Bijlage: Manifest ‘Samen verder bij zorg en opvoeding’
Manifest van de Vadertop 2007 (m/v/grootouders) te Amsterdam, 20 juni 2007; Zie: http://vadertop.blogspot.com/2007/06/manifest-vadertop.html


© Copyright 2011 Vaderkenniscentrum|SKO. Integrale overname met bronvermelding van deze petitie en knelpuntennotitie c.q. verwijzing daarnaar is zonder toestemming onzerzijds toegestaan.

U vindt deze petitie ook terug op de website van het Vaderkenniscentrum|SKO op: http://vaderkenniscentrum.blogspot.com/2011/03/735.html Indien uw organisatie deze knelpunten wenst te onderschrijven dan verzoeken wij u ons dit per email te laten weten.

-------------------------
Petitie ‘Knelpunten Jeugdzorg en scheidingsgezinnen’, VKC|SKO, 2 maart 2011, J. Cabeliaustraat 17, 3554 VH Utrecht, T. 030.2383636, E. vaderkenniscentrum @ gmail.com

--------------------------------
Adhesie- en steunbetuigingen:
--------------------------------

1. Op 2-3-2011 14:59, schreef Ghislain Duchateau namens (1) het Samenwerkingsverband van Ouders en Belangenverdedigers bij Scheiding (SOBS) en (2) Gescheiden Ouders Dienstbetoon door Informatie (GOUDI) uit Vlaanderen - België:

Beste Initiatiefnemers,

Met veel genoegen heb ik kennis genomen van dit initiatief. Het komt niets te vroeg. Omdat ik constant ook de situatie in Nederland op de voet probeer te volgen, kan ik volmondig instemmen met de petitie en het onderstaand persbericht. Ik wil dit initiatief ten volle bijtreden en in de mate van het mogelijke ook ondersteunen.

Daartoe beveel ik de initiatiefnemers aan niet enkel te berusten in het overmaken van de petitie, maar eveneens het nodige te doen opdat de petitie uitwerking zou krijgen en dat zij zoveel mogelijk in maatregelen wordt ingewilligd. Daartoe is een bezoek aan de kamercommissie Jeugdzorg heel zinvol, maar ook aparte bezoeken van een kleine delegatie telkens aan partijfracties van de politieke partijen en aan de afzonderlijke leden van de commissie zouden daarbij ook nuttig kunnen zijn. Zou dat al niet kunnen in de herziening van de wetgeving op de Jeugdzorg?

In elk geval proficiat met deze belangrijke stap en met de wens dat het initiatief succesrijk en resultaatrijk mag worden in een heel nabije toekomst.

Ghislain Duchâteau,

namens
- Samenwerkingsverband van Ouders en Belangenverdedigers bij Scheiding (SOBS)
- Gescheiden Ouders Dienstbetoon door Informatie (website Goudi  - info@goudi.be )

Vlaanderen - België

2. Op 4 maart 2011, om 16:44 schreef  mv. T.P. Barendse-Cornelissen, als secretaris namens Stichting Kinderen-Ouders-Grootouders (KOG):

-------- Originele bericht --------
Onderwerp:  petitie
Datum:  Fri, 04 Mar 2011 16:44:33 +0100
Van:  KOG
Aan:  Vaderkenniscentrum | SKO
CC:  Alec Balledux, Alice Jansen

Stichting Kinderen-Ouders-Grootouders stemt in met de door het Vaderkenniscentrum gesignaleerde knelpunten in de jeugdzorg. Met name het gebrek aan belangstelling voor FEITEN, te onderscheiden van opinies en vermoedens, baart KOG ernstige zorgen.

T.P. Barendse-Cornelissen, secretaris KOG
kog@upcmail.nl

3. Op 30 maart 2011 schreef Jan Wijsman uit Den Haag:

Ik onderschrijf deze petitie.
Jan Wijsman, Den Haag
--------------------------------


Gerelateerde artikelen over de doorgeschoten Jeugdzorg bij Vaderkenniscentrum | SKO:

Gerelateerde artikelen over valse beschuldigingen en ontbrekende waarheidsvinding bij Vaderkenniscentrum.nl:

Kwaadwillende moeders - valse beschuldigingen - collaborerende hulpverleners (crèche, paranormale genezers) - Vader vals beschuldigd
Vaderkenniscentrum, Nr. 156, zondag, september 21, 2008
http://vaderkenniscentrum.blogspot.com/2008/09/156.html

OM rapport - Incestbeschuldigingen door moeders bij echtscheiding meestal onterecht blijkt uit rapport Landelijke Expertisegroep Bijzondere Zedenzaken
Vaderkenniscentrum, Nr. 203, zondag, november 23, 2008
http://vaderkenniscentrum.blogspot.com/2008/11/203_23.html

VARA ZEMBLA - Valse incestbeschuldigingen door moeders bij scheiding - Moeders liegen ex de cel in - Verdachte vaders
Vaderkenniscentrum, Nr. 315, zondag, mei 24, 2009
http://vaderkenniscentrum.blogspot.com/2009/05/315.html

Tuchtrecht gezondheidszorg LJN: YG0843: Huisarts gewaarschuwd omdat hij, zonder vader te informeren, moeder adviseert om de kinderen aan te melden bij het Centrum Psychotraumatische Hulpverlening Flevoland. Ook advies dient beschouwd te worden als medische verrichting.
Vaderkenniscentrum, Nr.734a, dinsdag, maart 01, 2011
http://vaderkenniscentrum.blogspot.com/2011/03/734a.html

Vals beschuldigd van incest na scheiding (VPRO documentaire Lang:gestraft)
Vaderkenniscentrum, Nr.750, donderdag, maart 17, 2011
http://vaderkenniscentrum.blogspot.com/2011/03/750.html

4 opmerkingen:

Oscar Roqué zei

Citaat: "Meer dan de helft van de clientèle van Jeugdzorg bestaat uit scheidingskinderen wonend bij de moeder."

Ik herken n.a.v. mijn eigen situatie veel in het 'manifest' zoals hierboven opgesteld en kan me hier ook helemaal in vinden. Echter gezien alleen al het bovenstaande citaat zie ik deze niet kansrijk. De financiële belangen van instanties en individuen hierin zijn te groot. Dit zou namelijk resulteren in halvering van de BJZ-instellingen, Raadsmedewerkers, etc. (lees geld).

Onderschat ook niet de intelligentie van de instanties en de andere 'financieel-afhankelijken'. Deze begrijpen (al jaren) heel goed, en zijn daar ook vaak op gewezen, dat zij niet handelen in het belang van het kind maar van hun eigen bestaansrecht. Ze zijn echt niet achterlijk.

Ik heb al enkele klachten ingediend, in het verlengde van wat er in het manifest is opgesteld bij o.a. Raad voor de Kinderbescherming, Regionaal Tuchtcollege e.a.; sommige zijn gegrond verklaard en andere worden middels gedraai en leugens teniet gedaan. Het heeft niet mogen baten behalve dat je als principiële vader gezien werd als 'niet meewerkend'.

Het voorstel om het kind/de kinderen bij de niet omgangfrusterende ouder te plaatsen om een OTS-maatregel te voorkomen heb ik meerdere malen en gemotiveerd middels rechtszaken proberen af te dwingen en heb ik als zodanig ook benoemd tijdens gesprekken met de RVKB en BJZ. Resultaat; vader wordt weggezet als iemand 'die zich niet kan inleven in de situatie van kind en moeder' & 'niet meewerkend'. Bijkomend resultaat; 1 jaar OTS welke ook alweer met 1 jaar zonder enig resultaat (hoe voorspelbaar) verlengd is en vooralsnog geen omgang/contact met kind.

Ik heb een link van dit manifest incl. mijn opmerkingen op mijn weblog geplaatst en deze link per e-mail naar de betrokken instanties zoals RVKB, BJZ, school e.a. gestuurd.

Link: http://chanelroqueontvadering.blogspot.com/2011/03/nederlandse-jeugdzorg-brengt.html

Uiteraard veel succes gewenst met dit goede initiatief!

Oscar Roqué zei

29 maart 2011 is er uitspraak geweest in mijn zaak (hoger beroep, gerechtshof Amsterdam) waar ik, zoals boven gesteld het verplaatsen hoofdverblijf van mijn dochter, door mij gemotiveerd gevraagd was. Ik heb daarbij aangegeven dat ik omgang tussen dochter en moeder niet in de weg zou staan en dat ik bereid zou zijn tot een directe omgangsregeling in dat geval. Nb. Moeder blokkeert sinds juni 2009 de omgang wel.

Het gerechtshof Amsterdam heeft mijn motivatie; "Ik heb daarbij aangegeven dat ik omgang tussen dochter en moeder niet in de weg zou staan en dat ik bereid zou zijn tot een directe omgangsregeling in dat geval" in haar (ver)oordeel(ing) weggelaten en geoordeeld dat de moeder prima in staat is de verzorging te blijven doen en dat het te ingrijpend zou zijn voor mijn dochter om van omgeving te veranderen.

Alle verzoeken, terwijl de omgang sinds juni 2009 door moeder geblokkeerd is en er tevens een OTS maatregel (ook 1 x verlengd) van toepassing is, worden niet als nadelig voor moeder door het hof 'gemotiveerd'.

Gemotiveerd staat tussen haakjes aangezien het hof geen eens moeite heeft genomen om e.a. te motiveren.

Ik denk dat er m.b.t. dit manifest nog een lange weg te gaan is gezien rechtbanken en gerechtshoven deze vrij spel geven.

Vaderkenniscentrum VKC zei

Beste Oscar,

Dank voor je reactie op onze petitie. Het beeld dat je schetst is zeker herkenbaar. Omgangsfrustratie van moeders tegen vaders wordt niet serieus aangepakt en je verzoek tot contraire zorgwijziging naar de 'omgangsouder' als goede mogelijkheid om deze omgangsfrustratie te doen stoppen wordt door het Gerechtshof niet overwogen.

Weliswaar was je formulering in je verzoek in hoger beroep tot contraire zorgwijziging naar het gerechtshof mogelijk niet helemaal gelukkig gekozen (je schrijft daarover: "Ik heb daarbij aangegeven dat ik omgang tussen dochter en moeder niet in de weg zou staan..." waarmee je de indruk kunt hebben gewekt moeder van zorgouder tot omgangsouder te hebben willen maken) terwijl moeder reeds 'zorgouder' en jij 'omgangsouder' was en het je er - als ik dat tenminste goed heb begrepen - niet om ging om werkelijk zelf zorgouder te worden, maar het je er juist om ging om de omgangsregeling van je kinderen met jou weer vlot te trekken. De rechters hadden dit niettemin kunnen opvatten als een verzoek tot contraire zorgwijziging om de omgangsregeling tussen de kinderen en jou als hun vader beter te kunnen beschermen, en dat is jammer genoeg niet gebeurd.

Vaderkenniscentrum SKO heeft een emailnieuwsbrief en discussiegroep "Gescheiden Ouders en Kinderen" waar ca. 300 gescheiden ouders met elkaar ervaringen uitwisselen over hun omgangsproblemen en de mogelijke oplossingen daarvoor.

Als je daar belangstelling voor hebt dan hoor ik dat graag van je.

Sterkte en groet,

Vaderkenniscentrum SKO
t. 030.2383636
e. vaderkenniscentrum@gmail.com
i. www.vaderkenniscentrum.nl
i. www.vaderdagtrofee.nl
---
Symposium Vaderschap en uitreiking Vaderdagtrofee m/v 2011:
Op vrijdag 17 juni 2011 zal op het jaarlijkse Symposium Vaderschap van Vaderkenniscentrum.nl in samenwerking met de Universiteit van Amsterdam en IkVader weer de winnaar van de Vaderdagtrofee m/v 2011 bekend worden gemaakt. In 2010 werd de trofee gezamenlijk gewonnen door Orville Breeveld en Glenn Helberg voor hun initiatieven voor Surinaamse en Antilliaanse vaders (Vitamine Vader, Voorstel Vaderschapswet). Symposium en uitreiking waren een groot succes. Zie verder ook http://www.vaderdagtrofee.nl.

Meer inlichtingen over de Vaderdagtrofee m/v en het Symposium Vaderschap bij het VKC (t. 030.2383636, vaderkenniscentrum@gmail.com).

Minke zei

Hallo,

Ik moet voor school een artikel over de knelpunten van jeugdzorg maken met mijn projectgroep.
Wellicht dat u een overzicht van uw informatie (eventueel frustratie) kunt mailen zodat wij dit erin kunnen verwerken?
U kunt mij bereiken op mbij1@student.han.nl

Met vriendelijke groet,

Minke van der Bij

Een reactie plaatsen